H3-Netwerk gids
Veelgestelde vragen en antwoorden
Ons H3-Netwerk gids voor de meest gestelde vragen en antwoorden over hoofd, hart en hormonen. Of je nu meer wilt weten over de werking van de hersenen, de gezondheid van het hart of inzicht wilt krijgen in hormonale veranderingen, we hebben hier de antwoorden voor jou.
Als je een specifieke vraag hebt over hoofd, hart of hormonen die hier niet wordt behandeld, raden we je aan contact op te nemen met een medisch professional of een gespecialiseerde zorgverlener.
Voeding en leefstijl kunnen al helpend zijn. Vooral het vermijden van de bekende warmteuitlokkers als koffie, thee met theïne, gemberthee, cola, energydrinks, alcohol en stress. Goed bewegen helpt niet tegen warmteklachten, maar vrouwen ervaren wel een betere kwaliteit van leven.
Voor de warmteklachten kan de traditionele Chinese acupunctuur helpend zijn (zie ook NVOG Richtlijn en Keuzetabel Thuisarts.nl)
Ook Clonidine kan soms helpen. Dit is een bloeddrukverlager, maar als je al een lage bloeddruk hebt dan kan je last hebben van bijwerkingen zoals bijvoorbeeld duizeligheid en droge mond.
Gabapentine is een medicijn wat wordt voorgeschreven voor epilepsie, rusteloze benensyndroom en soms bij pijnklachten. Het heeft een effect op dat deel van je hersenen waar je zogenaamde “warmtecentrum” zit, dus kan daardoor helpen tegen warmteklachten. Ook dit product kan bijwerkingen geven als slaperigheid of evenwichtsproblemen.
Cognitieve gedragstherapie is het leren omgaan met je klachten en daardoor ga je ze minder te koppelen aan een negatief gevoel. Het is vooral bewezen helpend voor vrouwen met borstkanker of borstkanker in de voorgeschiedenis. Het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis in Amsterdam werkt met een e-learning, die je online kan volgen. Cognitieve gedragstherapie voor slaapproblemen (insomnie) kan voor iedereen nuttig zijn. Goede tips kan je vinden op Slaapmakend.nl, of op Thuisarts.nl. De meeste natuurproducten helpen niet en mogen vaak niet gebruikt worden door vrouwen die borstkanker hebben of hebben gehad. Een uitzondering is Remifemin, wat officieel bij de EMA geregistreerd is, dat wordt gemaakt uit een plant: de zilverkaars. De niet geregistreerde producten kunnen giftig zijn voor de lever. Ook bij Remifemin wordt aanbevolen om je leverwaardes goed te laten controleren.
Van andere producten als bijvoorbeeld Oxybutinine is het niet bekend wat de bijwerkingen zijn op lange termijn en het geeft meer kans op dementie bij vrouwen boven de 60 jaar. Het wordt daarom niet aangeraden.
Fezolinetant is een niet hormonaal middel tegen overgangsklachten, vooral opvliegers en warmteklachten. Dat zou een optie kunnen zijn. Een zeer zeldzame bijwerking is effect op je lever, dus voor starten en gedurende de eerste drie maanden van gebruik, regelmatig leverfuncties (ASAT,ALAT, bilirubine) testen in het bloed. Helaas wordt het (nog) niet vergoed. Kosten bedragen ruim €60/maand, eerste pakje wordt vergoed via de terugbetalingsregeling
Een andere mogelijke nieuwe optie is lisdexamfetamine voor vrouwen die geen hormoontherapie mogen gebruiken, bijvoorbeeld in verband met borstkanker. Dit ADHD medicijn is onderzocht bij vrouwen met cognitieve overgangsklachten zonder ADHD, en bij vrouwen bij wie de eierstokken verwijderd waren. Deze laatste groep vrouwen heeft vaak heftige overgangsklachten op jongere leeftijd die het functioneren belemmeren. Het doel was de cognitieve klachten van deze vrouwen te verbeteren. Dit lukte bij beide groepen, zij hadden een betere concentratie en geheugen.
Je spreekt van een te vroege overgang als een vrouw jonger is dan 40 jaar. Dit komt bij 3% van de vrouwen voor, en dit heet: Premature Ovariële Insufficiëntie, oftewel POI. Soms is het erfelijk, maar het kan ook te maken hebben met een foutje in een gen (erfelijkheidsmateriaal) het FMR1 gen, ook wordt gedacht aan een auto-immuunziekte. Het kan ontstaan na een operatieve behandeling of chemotherapie. Vrouwen met ADHD kunnen eerder overgangsklachten te krijgen dan vrouwen zonder ADHD, eind dertig, begin 40 e jaar. Mogelijk spelen ontstekingsprocessen (inflammatie) hierbij een rol.
Als je al hormoonsuppletietherapie (HST)gebruikt dan mag je afhankelijk van de duur van gebruik en de dosering nog doorgaan. Het motto is: zo lang als nodig is en zo laag als mogelijk is. Starten met HST na je 60e jaar of bij een laatste menstruatie >10 jaar geleden, wordt afgeraden omdat door de veroudering van je hart en vaten er juist dan met hormoontherapie een groter risico is op hart-en vaataandoeningen, zoals bijvoorbeeld een hartinfarct of beroerte. Net zoals bij elke regel kunnen ook hier uitzonderingen op gemaakt worden in een multidisciplinair overleg (met bijvoorbeeld een cardioloog). Het blijft altijd gepersonaliseerde zorg oftewel “zorg op maat”.
Het is vaak handig om goed beslagen ten ijs te komen met een gerichte zorgvraag of een plan. Je kan je voorbereiden met behulp van een verpleegkundig overgangsconsulente van de Vereniging voor verpleegkundig overgangsconsulenten (VVOC) www.overgangsconsultente.com
Deze consulten worden vergoed vanuit de aanvullende zorgverzekering en je hebt geen verwijzing nodig. Soms is alleen het consult al helpend genoeg. Een bedrijfsarts kan ook helpen of verwijzen naar je huisarts of zo nodig een gynaecoloog. Sinds juni 2022 is er een nieuwe en goede richtlijn van de huisartsenvereniging NHG, dat kan je met je huisarts bespreken. Op de website Thuisarts.nl staan ook keuzekaarten en een keuzehulp, die je verder kunnen helpen. Sommige huisartsen hebben goede praktijkondersteuners (POH) die vaak meer tijd hebben in hun spreekuur en waar je ook goed terecht kan. Gelukkig hebben steeds meer huisartsen wel aandacht en kennis van de overgang. In Amsterdam is er 1,5 lijnszorg vanuit HuisartsenPlusPunt. Dit zijn gespecialiseerde huisartsen die een korte lijn hebben met de gynaecoloog in het OLVG of JvG. Zij hebben goede kennis en ervaring met de overgang en je kan daar terecht (eventueel met een verwijzing van je huisarts) voor een adviesconsult. Het wordt vergoed vanuit de basisverzekering. Je eigen huisarts kan je daarna weer verder helpen.
Deze is te vinden op de website van de Federatie Medisch Specialisten (FMS) www.richtlijnendatabase.nl, als bijlage bij de Richtlijn Management rondom menopauze van de beroepsvereniging van gynaecologen de NVOG. Dit heet de Praktische Handleiding Hormoontherapie. Het is een leidraad voor zorgprofessionals. De doseringen zijn conform de SmPC teksten van de fabrikant, dus waar het product voor geregistreerd is. Deze Praktische Handleiding Hormoontherapie staat ook op deze website onder tabblad Hormonen.
Waarom begint het vooral in de overgang? Dat komt doordat de oestrogeen schommeling en daling de ADHD symptomen doet verergeren. En de overgang duurt gemiddeld 7,5 jaar met een variatie van 2-10 jaar. Oestrogeen heeft een vergelijkbare functie in het brein als dopamine op stemming, concentratie en geheugen. Dopamine is een boodschapper stof (neurotransmitter) die heel belangrijk is bij ADHD, we denken dat die ontregeld is, want de medicijnen voor ADHD die goed werken op de klachten, verhogen die dopaminespiegel. Als je een ontregeld dopamine systeem hebt door ADHD EN een laag oestrogeen door de overgang, dan kan je helemaal vast komen te zitten wat betreft je stemming, geheugen en concentratie en niet goed meer kunnen functioneren. Dat horen we vaak van vrouwen.
Ja, zeker dat helpt heel goed, maar niet voor alle klachten. Het is vooral effectief voor de warmteklachten zoals opvliegers en/of nachtzweten. Maar het kan ook ondersteunend zijn bij stemmingsklachten of slaap. We hebben sinds jaren alleen nog maar bio-identiek oestrogeen: estradiol. Bio-identiek wil zeggen dat de molecuulvorm hetzelfde is als het molecuul van het lichaamseigen hormoon. Er is daardoor een betere opname en meer effect op klachten, dan van synthetisch oestrogeen (wat alleen nog maar in de anticonceptiepil zit) De toedieningsvorm via de huid (transdermaal) wat in NL te verkrijgen is als pleister, spray of gel, heeft de eerste voorkeur. Hormoontherapie als tablet is minder gunstig voor hart en vaten en kan ook een risico op trombose (bloedpropjes in de vaten) geven. Voor vrouwen met een baarmoeder is het noodzakelijk dat ze ook een progestageen gebruiken om overgroei van het baarmoederslijmvlies (en zo risico op baarmoederkanker) tegen te gaan. Er is een zwak synthetisch progestageen: dydrogesteron, wat goede bescherming van het baarmoederslijmvlies geeft. Deze is wat minder gunstig voor het borstweefsel en voor hart en vaten. De eerste keuze is meestal het bio-identieke progesteron. Dat geeft vaak een gunstig effect op stemming en slaap, is veiliger voor het borstweefsel, maar beschermt het baarmoederslijmvlies minder goed. Een hormoon houdend spiraal (alleen de Mirena en niet de Kyleena) kan ook een goede oplossing zijn voor bescherming van het baarmoederslijmvlies. Deze kan voor deze indicatie gedurende vijf jaar blijven zitten. Vrouwen zonder baarmoeder hebben geen progestageen nodig, tenzij er een specifieke indicatie is, zoals bijvoorbeeld een voorgeschiedenis van endometriose Meestal spelen er meerdere factoren een rol bij klachten in de overgang. Goede diagnostiek is daarom van belang en bij complexe klachten kan de aanpak van een multidisciplinair team, met meerdere specialisten, van meerwaarde zijn.
Bij hinderlijke klachten kan HST een goede optie zijn. In overleg met een zorgprofessional kan worden bepaald wat voor welke vrouw de juiste indicatie, het juiste product en de juiste timing is. Bloedonderzoek is helaas niet zinvol en jaarlijkse evaluatie wordt geadviseerd.
Ja, want jongere vrouwen met ADHD krijgen vaak premenstruele en postnatale depressie als de oestrogeenspiegel in die fases van het leven daalt. Dan gebeurt er eigenlijk hetzelfde als in de overgang, alleen minder langdurig. Maar dat is ook heel erg verdrietig , vooral na de bevalling. Ook als je elke maand in de laatste week van je cyclus, voor de menstruatie de controle verliest natuurlijk.
Er zijn allerlei screeners voor ADHD. Een van de screeners is de Ultrakorte Vragenlijst voor ADHD met vier vragen, die zo kort is gemaakt op verzoek van mensen met ADHD (i.v.m. hun concentratieproblemen). De eerste drie vragen gaan over de kernsymptomen hyperactiviteit, concentratieproblemen en impulsiviteit (met veel voorbeelden per symptoom). De vierde vraagt naar de levenslange aanwezigheid van de symptomen, bent u ‘altijd zo geweest’, of heeft u dit ‘altijd gehad’. Als iemand een of meer kernsymptomen herkent, en die altijd heeft gehad, dan kán dat wijzen op ADHD. Als de symptomen veel later in het leven zijn begonnen, dan kan het ook iets anders zijn zoals depressie of angst bijvoorbeeld.
Ja, die is er, die heet de SASI. Dat is een ellenlange lijst, daar staan alle domeinen in, dat is vooral heel fijn als je zelf denkt dat je het hebt, of bijvoorbeeld je dochter. De lijst is vooral fijn ter oriëntatie. Deze lijst is niet gevalideerd, maar het is vooral handig om te kijken of je je in die patronen herkent.
De regel is zo min mogelijk medicatie in de zwangerschap i.v.m. mogelijke nadelige effecten voor het kind of de zwangerschap, maar moeten stoppen met effectieve ADHD medicatie in de zwangerschap kan ook nadelig zijn, bijvoorbeeld voor het kunnen functioneren op werk en thuis, met ev. andere kinderen. En mogelijk voor het ongeboren kind, vanwege de stress die ADHD met zich brengt.
Het risico op aangeboren afwijkingen is niet verhoogd bij gebruik van ADHD medicatie in de zwangerschap blijkt uit een grote studie in Denemarken. Methylfenidaat geeft een licht verhoogd risico op hartafwijkingen en spontane abortus, maar dat doet dexamfetamine niet. Dan heeft, als je medicijnen nodig hebt om te kunnen functioneren, dexamfetamine dus de voorkeur, maar die geeft een ander probleem, namelijk een licht verhoogd risico op vroeggeboorte, laag geboortegewicht en complicaties. Maar ADHD zelf geeft deze risico’s ook, dus is het niet duidelijk wat waardoor veroorzaakt wordt. Er is ook onderzoek waaruit juist een beschermend effect van ADHD medicatie op die complicaties is aangetoond. Er dus nog veel onduidelijk. Bupropion, het derde middel, is potentieel veilig, maar ook daar is nog weinig over bekend. Het is dus niet meer zo dat je perse moet stoppen met je ADHD medicatie. Je moet het overleggen met je arts en partner, om de voor- en nadelen samen af te wegen in jouw geval.
Ja, het antwoord is volmondig ja. Vooral angst en depressies treden op tijdens schommelingen van met name de oestrogeen spiegel, dat is premenstrueel, na de bevalling en in de overgang. Dit gebeurt vooral bij vrouwen met een kwetsbaarheid voor psychische klachten, die bijv. een bipolaire stoornis, ADHD,PMDD, ASS, persoonlijkheidsstoornissen, depressie of angststoornissen hebben. Behandeling door een multidisciplinair team, bij voorkeur een gynaecoloog en psychiater, heeft de voorkeur. Maar de huisarts kan dit soms ook doen in samenspraak met een gynaecoloog en psychiater.
We maken in NL een enorme inhaalslag en lopen daarin voor op andere landen in Europa en de wereld. Het afgelopen jaar is er door huisartsen 40% meer HST voorgeschreven dan voorgaande jaren. Onder kopje 7 is al wat uitgelegd over HST. Het bij hinderlijke warmteklachten zeer effectief zijn, het is niet de eerste keus behandeling voor een depressie of psychische klachten, maar het kan daar wel ondersteunend bijwerken. Elke vrouw is anders en uniek, dus ga met je huisarts in gesprek wat voor jou de beste keuze is.
Warmteklachten in de nacht en/of opvliegers overdag zijn echte energievreters, dus dat kan soms slechtere slaap en daardoor vermoeidheid en geheugen- en concentratiestoornissen geven. HST kan soms helpen om beter te slapen door afname van de warmteklachten, maar is niet altijd effectief. Slaap heeft ook veel met gedrag te maken. Als je vroeger een goede slaper was en nu vooral last hebt van vroeg wakker worden en dan niet meer kunnen inslapen, dan kan Cognitieve Gedragstherapie (CGT) voor slaapproblemen (insomnie) door een gespecialiseerde therapeut of psycholoog (bv Slaapmakend) effectief zijn. Voor vrouwen met ADHD werkt dit wat minder goed, en kan Lichttherapie of melatonine een optie zijn.
Progesteron/progestageen voor vrouwen zonder baarmoeder wordt alleen voorgeschreven voor vrouwen die endometriose hebben gehad in de voorgeschiedenis. Die krijgenniet alleen oestrogeen, die moeten ook progesteron/progestageen erbij hebben, omdat endometriose ook elders in het lichaam kan voorkomen en daar klachten kan blijven veroorzaken.
Er wordt ook wel gedacht dat progesteron een “rustgever” is en het kan je beter doen slapen. Maar dat is eerder symptoombestrijding dan een oplossing, dus goede diagnostiek en dan behandeling is vaak beter.
Dat verschilt per persoon en is een kwestie van uitproberen. Wij schrijven meestal anticonceptie met estradiol voor, het bio-identieke oestrogeen, of met een ander type oestrogeen: estretol. Deze lijken het in de praktijk beter te doen dan die met het synthetische oestrogeen.
Beide rollen zijn cruciaal, ze zijn verbinders en ook verwijzers. Veel huisartsen hebben zich al aangesloten bij het H3-netwerk. POH’s kunnen ook een belangrijke rol spelen en er is ook een aparte opleiding voor hen om meer kennis op te doen over de overgang. Het H3-netwerk heeft het afgelopen jaar in alle 12 provincies een begin gemaakt met netwerkzorg, dus samenwerking tussen huisartsen en specialisten. Zo worden de “lijntjes korter” en vrouwen sneller geholpen. Elke provincie heeft nu meerdere ambassadeurs die de verbinding hebben met het kernteam van het H3-netwerk. Communicatie en bespreken van casuïstiek vindt plaats via een beveiligde medische app.
Ja dat kan. De oorzaak kan verschillend zijn, het zijn spierkrampen en het heeft vaak te maken met een ijzertekort. Dat is een kwestie van ferritine (de ijzervoorraad) bepalen en bij een tekort ijzer aanvullen. Soms helpen supplementen als magnesium, of magnesium baden, al is dat niet wetenschappelijk bewezen.
NB – Restless legs komt sowieso vaker (bij 30%) voor bij mensen met ADHD.
Als er premenstrueel hartklachten zijn, dan is er iets voor te zeggen om te verwijzen naar een cardioloog en/of te overleggen met een gynaecoloog. Maar je kan natuurlijk ook met elkaar overleggen en dan is een verwijzing vaak niet nodig.
Er is een relatie tussen schildklierproblematiek en hartklachten, die algemeen bekend is. Maar dan gaat het vaak om hartkloppingen en hartritmestoornissen. Het kan voorkomen als normale productie van T4 niet meer goed werkt, en er dus invloed is van synthetische T4 vanwege de medicatie, dan heeft dat invloed. Stress incontinentie hoort hier niet bij. Stressincontinentie is vaak gekoppeld aan een eerdere zwangerschap of bevalling.
Nee, dat wordt afgeraden. Dat heeft te maken met je hart, je bloedvaten zijn verouderd en dan geeft HST meer kans op een beroerte of hartinfarct. Het wordt dus niet aangeraden. Maar in het kader van gepersonaliseerde zorg kan er in overleg met een cardioloog een uitzondering onder bepaalde voorwaarden, worden overwogen. De niet hormonale medicatie als Fezolinetant en Elinzanetant hebben de eerste voorkeur.
ADHD medicatie kan veilig gecombineerd worden met transdermaal estradiol en progesteron. De volgorde hangt af van de ernst van de klachten, de meest ernstige moeten het eerst behandeld worden. Dat zijn in dit geval de overgangsklachten, (en vaak de slaap en de stemming). Daarna volgt pas de ADHD medicatie (die wordt beter verdragen als de andere klachten over zijn).
Ja, het patroon van somberheid in de 4e week van de cyclus (de week voor de menstruatie) is heel herkenbaar bij vrouwen met bijvoorbeeld ADHD. Maar we zien dit ook bij vrouwen met andere stemmingsklachten zoals bijvoorbeeld PMS, PMDD, ASS, bipolariteit etc. We verwijzen hiervoor naar onze webinars en informatie uit de media op de website.
Ja, het verband tussen ADHD, hormonale schommelingen en hartproblemen kan ook bij jongere vrouwen optreden, met name bij vrouwen met lage oestrogeenspiegels, bijv. Bij vrouwen met anorexia, het polycysteus ovariumsyndroom, en te vroege overgang. (<40 jaar)
Ja, de stemming daalt vaak in de laatste week van de cyclus bij vrouwen met ADHD, en dit hangt waarschijnlijk samen met het ontregelde dopamine systeem in de hersenen bij ADHD, dat samen met een daling van de oestrogeenspiegel in de laatste week van de cyclus, de klachten veroorzaakt. Oestrogeen en dopamine hebben een vergelijkbaar effect in de hersenen op stemming, controle over emoties, concentratie en geheugen; bij tekort aan beide kan het zijn dat je de controle (tijdelijk) verliest. De behandeling bestaat behalve uit bewustwording van deze relatie en er rekening mee houden in je agenda, ook uit bijvoorbeeld hormonen (een type anticonceptiepil of in de overgang HST ), of een antidepressivum (dat kan ook alleen in de dagen/week dat er veel stemmingsklachten zijn), en/of ADHD medicatie, of een combinatie, afhankelijk van wat er nodig is.
Nee, dat kan niet. Ondergewicht geeft wel andere risico’s zoals meer kans op hart- en vaatziekten en botontkalking, maar vrouwen met overgangsklachten ervaren juist een betere kwaliteit van leven door veel sporten, niet meer overgangsklachten.
Door de overgang kan je gemiddeld twee tot vier kilo aankomen en krijg je wel een andere vetverdeling. Dus iets meer buikvet. Een klein beetje buikvet geeft juist opslag van oestrogeen en testosteron. De verandering van je figuur kan iets meer van een peervorm naar een appelvorm zijn en dit hoort helaas bij de leeftijd, maar is per vrouw verschillend. Teveel buikvet is vaak ook een teken van zogenaamd visceraal vet. Dat is vet rondom je organen en dat geeft meer kans op hart- en vaatziekten. Het is van belang om in de overgang je gewicht stabiel te houden door goed op te letten met gezonde en gevarieerde voeding en daarnaast ook meer beweging.
Angst en paniek komen vaak bij vrouwen met ADHD voor, en ja dit wordt erger in de overgang als de oestrogeenspiegel daalt. Gelukkig kan dit goed behandeld worden! Goede slaap is van belang en kan helpend zijn. Als je last hebt van dit soort klachten, blijf er dan niet mee rondlopen maar ga naar je huisarts of specialist voor hulp.
Waarschijnlijk wel, maar bij ADHD zijn er van tevoren vaak al slaapproblemen, soms verschillende tegelijk: nl. een systematisch te laat slaappatroon (circadiane slaapwaak stoornis, verlate slaapfase type; insomnie (stress, piekeren); rusteloze benen syndroom en slaap apneu. Daar is heel veel aan te doen, maar elke slaapstoornis heeft een eigen aanpak. Zo helpt voor de verlate slaapfase: slaap hygiëne (bv op vaste tijd naar bed, geen schermen na 21.30 u), 0.5 mg melatonine rond 22 u, en lichttherapie in de ochtend (met de lichtbril!). Voor insomnie helpt cognitieve gedragstherapie tegen piekeren en slaap hygiëne; voor rusteloze benen specifieke medicatie, en voor slaapapneu afvallen, een bitje in je mond of CPAP, of ‘continuous airway pressure’, wat zorgt dat je zuurstof toevoer via je keel gewaarborgd is. Meer informatie vind je in het Slaap behandelprotocol onder tabblad Hoofd op de website (Protocol slaapstoornissen bij ADHD 9 jan 2020) en onder podcasts/webinars over slaap door Sandra Kooij.
Er is relatie tussen het microbioom en ADHD maar het is nog te vroeg inderdaad om hier meer over te kunnen zeggen.
Nee, daar is niets over bekend en lijkt in theorie ook niet waarschijnlijk.
De DIVA-5 is het wereldwijde diagnostisch interview voor ADHD bij volwassenen, dus ook voor vrouwen (www.divacenter.eu). De DIVA-5 gaat aangepast worden aan de vrouwelijke presentatie van ADHD in de nabije toekomst, dat is nog nooit eerder gedaan. We houden je hierover op de hoogte!
Er zijn verschillende screeningslijsten voor vrouwen met ADHD, een heet de SASI, https://www.yumpu.com/nl/document/view/20111215/de-self-assessment-symptom-inventory-sasi-voor-meisjes-psyq. Dit is een heel uitgebreide vragenlijst over ADHD symptomen maar ook over stemming, eten, slaap, zelfbeeld etc. die wel een beeld geeft van hoe ADHD bij vrouwen eruit kan zien, maar die niet gevalideerd is.
We gebruiken de standaard screeners voor ADHD bij vrouwen van alle leeftijden. Dit is waarschijnlijk niet optimaal, reden waarom we onderzoek gaan doen naar de vrouwelijke presentatie van ADHD symptomen, en naar de fase van de cyclus op het moment van onderzoek naar ADHD. Het Diagnostisch Interview Voor ADHD, de DIVA-5 gaat hiertoe aangepast worden. www.divacenter.eu.
PMS is het premenstrueel syndroom, dat voornamelijk bestaat uit lichamelijke klachten in de week voor de menstruatie. Meestal behoeft PMS geen behandeling. Een gezonde voeding en leefstijl kan al heel helpend zijn (zie richtlijn module van de gynaecologenvereniging de NVOG). Bij premenstruele depressie (PMDD), een terugkerend patroon van naast lichamelijke klachten heftige somberheid, en prikkelbaarheid, tot suïcidaliteit aan toe in de week voor de menstruatie, is wel behandeling aangewezen. Deze bestaat uit de pil continu (geen stopweek dus) of een antidepressivum (SSRI), of een iets hogere dosering ADHD medicatie in die week dan in de rest van de cyclus, soms een combinatie van deze drie. De verhoging van ADHD medicatie in de laatste week van de cyclus is onderzocht in een kleine groep van 9 vrouwen, die alle 9 tevreden waren over de verbetering van klachten. Maar gecontroleerd en groter onderzoek is nodig om meer zekerheid te krijgen.